Wat wordt er geleverd en hoe vliegt het?

Door een uitgekiend ontwerp en grotendeels voorgemonteerde componenten is het aantal onderdelen redelijk beperkt. De montage levert voor de enigszins ervaren heli piloot dan ook geen al te grote problemen op.

De kleurige kartonnen doos waarin de Compass wordt geleverd bevat, naast de fraaie epoxy Canopy (neuskap), tamelijk weinig kleine onderdelen. Logisch, want het carbon heliframe is al op de fabriek in elkaar gezet! Datzelfde geldt ook voor de in het frame gemonteerde centrifugaalkoppeling met tandwiel, lagering en de motorkoelmantel. De met vibratiedempers uitgeruste motorfundatie en brandstoftank zijn eveneens aangebracht.
Los meegeleverd worden de hoofd- en staartrotor. Op de flybaras na, is de uit aluminium en kunststof opgebouwde collectieve rotorkop compleet. De staartrotor met de getande riem (timing belt), kan zo de staartbuis in. Het hoofdrotortandwiel ligt met vrijlooplager en staart-aandrijfpulley gereed voor inbouw. Uiteraard draait tijdens een autorotatielanding de staartrotor bij dit model ook mee. Een relatief klein landingsgestel zal het model een lage luchtweerstand geven.

Een verdere verkenning laat zien dat de tandwielvertraging tussen de aandrijf- motor en de hoofdrotor met rechte tanden heel gewoon is. Met een dikte van 10 mm lijkt deze wel op z'n taak berekend. In de zijkanten van het carbon frame zijn een 5 tal perfect uitgesneden openingen voor de servo,s aangebracht. Voor de Push/Pull (duwen trek) aansturing van de in 120 graden aangestuurde tuimelschijf zijn stevige scharnierpunten aan het frame gemonteerd. De rvs stuurstangen zijn op de juiste lengte gemaakt en voorzien van kunststof kogelkopjes. Voor ontvanger en accu is een kunststof bakje aan de voorkant van het frame gemonteerd.

In het frame onder de giro is een bevestigingspunt aangebracht voor de montage van de aluminium staartbuis (A). Door deze buis loopt de getande riem die via de kunststof riemschijf de staartrotor aandrijft (B).

De lichte aluminium staartbuis wordt in een stevige kunststofhouder in het frame geklemd. Een de onder het hoofdtanwiel gemonteerde aandrijfwiel (pulley) brengt via een lange getande aandrijfriem de staartrotor in beweging. Een beknopte in het Engels gestelde handleiding begeleidt in stappen de afbouw tot gereedheid. Een lijst met noodzakelijke gereedschappen en een onderdelenlijst tonen zorg voor detail. Moeilijk en ingewikkeld lijkt het niet. Hoofdrotorbladen worden niet standaard meegeleverd. Een paar buigzame gele plastic staartrotorblaadjes weer wel. De aanschaf van de benodigde gloeiplug verbrandingsmotor met uitlaat en een moderne, minimaal 6 kanaals radiobesturing wordt aan de eigenaar overgelaten. De benodigde 7,5 tot bijna 9 ccm. tweetakt gloeiplugmotor wordt op de rug liggend aan een flexibele motorfundatie gemonteerd. Een nieuw fenomeen in R.G. helikopterland. De motortrillingen van een met 18000 toeren draaiende krukas van een direct op het frame gemonteerde helikoptermotor kan schade aanbrengen aan servo's en kogellagers. Om van lostrillende onderdelen maar niet te spreken. In de vliegtuigwereld worden trilling dempende motorrubbers, tot zelfs hydraulische, al lang met succes toegepast. De direct op de krukas gemonteerde propeller swingt in dat geval vrolijk mee met de motorbewegingen. In een helikoptermodel ligt de situatie wat moeilijker. Daar moet het krukasuiteinde zuiver in lijn blijven met de vast in het frame opgestelde centrifugaalkoppeling met lagering.

Een perfecte combinatie van frame en motor.

De Chinese Compass fabriek heeft een oplossing bedacht om de motorfundatie enige vrijheid van beweging te geven. De daarbij noodzakelijke fixatie van de uitgaande motorneus werd opgelost door deze met een aluminium ring stevig te omvatten en aan het frame vast te zetten. De binnenkant van de neusstabilisator is bekleed met een gemakkelijk glijdend laagje siliconenrubber. De motorfundatie zelf wordt via een tweetal met siliconen gevulde trillingsdempers aan het frame bevestigd.
Een flink deel van de motorvibraties wordt nu opgevangen door de in siliconen gevatte motorfund
atie. De krukasneus daarentegen blijft in lijn met de rest van de machinerie. Eureka .. Nu nog de praktijk!Het eerste werkje aan de motor is, het aanbrengen van de aluminium stabilisator rond de motorneus. Deze wordt na montage met twee stalen boutjes vastgezet aan het heliframe. De binnenzijde van de ring is voorzien van een laagje trilling dempende siliconen. Daardoor wordt de motorneus in een dusdanig stevige houdgreep genomen waardoor deze in de juiste positie met de rest van de aandrijfunit blijft.

Het mechanisme van de rotorkop is een staaltje van mechanisch vernuft. Zou Igor Sikorsky zich nog verbaasd hebben als hij dit zou aanschouwen?

De stappen van het Compass Plus instructieboekje volgend werd als krachtbron de nieuwste 8.91 ccm. O.S. Max-55 HZ Hyper voor inbouw gereed gemaakt.  Deze 2.1 PS (ca. 1.6 kW) sterke opvolger van de OS 50 bezit dezelfde uitwendige afmetingen, maar is inwendig uitgerust met een enkele zuigerveer. Met zijn hoge koelkop ia het een prachtige motor. Uitgerust met een extra brandstof regelnaald voor het midden toerengebied is het mogelijk de motor optimaal aan de sterk wisselende vliegbelastingen aan te passen.

Een hele mooie motor waarbij zelfs de regelnaalden tot in de perfectie zijn uitgevoerd.

Van een zelf klemmende conus op de krukas wordt vanwege de beperkte framehoogte geen gebruik gemaakt. Daarom moet het aluminium centrale stuk en de gemonteerde kunststof ventilator met een passende dop- of pijpsleutel goed op de krukas worden vastgezet waarbij de krukas moet worden geblokkeerd. Verwijderen van het carterdeksel en de krukas met behulp van een speciaal voor dit doel uit kunststof of aluminium vervaardigd onderdeel is de juiste methode om te blokkeren. Een onderdeel waar weinigen over beschikken. Vaak wordt overgegaan tot het blokkeren van de zuiger door de gloei plugopening of de uitlaatpoort. Deze werkwijze kan leiden tot schade aan de motor. Een passend en onmisbaar stukje gereedschap hiervoor is o.a. te koop bij RC Heliparts. Daar het inwendige van elke motor mijn nieuwsgierigheid oproept werd na demontage van het carterdeksel de cilinderkop losgenomen. Alle diep verzonken geborgde M3 kopbouten knapten met het bij de motor meegeleverd zeskant sleuteltje, stuk voor stuk netjes los. Het los draaien van dergelijke stalen inbusboutjes vraagt altijd goed, het liefst nieuw gereedschap, want een dolgedraaide kopbout betekent grote problemen! De cilinderbus bleek op de fabriek door het honen, zichtbaar en flink te zijn opgeruwd. Voor een zuigerveer betekent dat snel inlopen. Daar komt bij dat fijne hoongroeven een laagje olie op de cilinderwand vasthouden. Desondanks was ik toch wel een beetje verbaasd. Tot mijn verrassing bleek, dat de cilinderbus zonder moeite met de vingers uit het carter getrokken kon worden. Bij vrijwel alle in het verleden door mij gebruikte OS 61 motoren, was vooraf opwarming van het aluminium cilinderhuis noodzakelijk. Grote inlaat en uitlaat openingen in de cilinderwand toonden, dat de van oorsprong OS 50 er motor inwendig stevig onder handen is genomen. Hermontage van de zuiger in de cilinderbus vroeg een beetje handigheid en is niet iets voor een beginner Met een op de krukas gemonteerd aluminium centrale stuk, de koelventilator en stalen centrifugaalkoppeling werd getracht de motorneus in het naaldlager van het koppelingshuis te steken. Dat ging niet echt vlot waarna de motorfundatie van het frame werd losgenomen. Dit was de gelegenheid een paar plaatjes van het trillingsdemper inwendige te maken. Montage van de motor aan de verende fundatie ging daarna moeiteloos. De hoogglanzende Align uitlaat werd ter voorkoming van beschadigingen eerst even terzijde gelegd. Onder de motor wordt het frame versterkt met een horizontale carbon plaat. Bevestiging van het landingsgestel bracht het model op de been. Door de cilinderkop heen en weer te duwen werd de vrije beweging van de motor goed zichtbaar, zeer apart.

De gehele motor is perfect afgewerkt en met een optimale technische vormgeving.

De staartrotor van de Compass wordt vanaf de hoofdrotor aangedreven in een verhouding van 4.8 : 1. De 5 mm kogelgelagerde staartas steekt 60 mm naar buiten. Dat betekent veel vrije pitchruimte. De pitch schuifmof wordt via een kunststof scharnier met behulp van pennetjes vanaf de boven en onderkant aangestuurd. Uit kunststof zijn ook de gelagerde bladhouders vervaardigd. De geslepen holle hoofdas wordt door het bovenste lagerblokje gevoerd en voorzien van een klemring. Als de gecombineerde tandwielset van hoofd- en staartrotor in het frame is geschoven wordt de lange getande staartriem om de pulley gelegd. De stalen M3 bout door het hoofdtandwiel, de huls van het vrijlooplager en de hoofdas voeren vraagt een beetje geduld. De getande riem wordt op spanning gebracht door de staartbuis naar achteren te trekken tot hij strak staat. Niet meer dan dat!  Daarna met klembouten door het frame vastzetten. Het aanbrengen van de beide staartsteunen en de uit carbonplaat gesneden staartvlakken plus wat kleinere onderdelen is het bekende fluitje van een cent. Voltooiing van een nieuw en schoon helimodel als dit is op deze wijze een plezierige bezigheid. Kan zelfs op de kamer of keukentafel worden uitgevoerd (als dat mag). Door enkele niet gebruikte, maar wel voorgeboorde gaatjes tussen de lagerblokjes in het frame kreeg ik aanvankelijk het idee dat de hoofdas een drietal keren gelagerd zou worden. Hoewel dat inderdaad mogelijk lijkt is dit kennelijk bestemd voor een ander model. De solide en spelingvrije aluminium tuimelschijf rond de hoofdas luidt de eerste stap in tot completering van het hoofdrotor systeem. De metalen kern van de pitch-compensator is uitgevoerd met kogelgelagerde kunststof verstelarmen. Een metalen meenemer wordt boven de pitchcompensator geplaatst. De compacte hoofdrotor zelf is een van de pronkstukken van de Compass Plus. Uitgevoerd met een uiterst precies vervaardigd aluminium centraalstuk is dit de perfecte basis voor vibratievrij draaien. De flybar (stabilisatie arm) ligt beneden de hoofd rotor en is door de kop gevoerd. Dit brengt de hoogte van het model omlaag en maakt de constructie minder gecompliceerd. Aan de flybararm bevestigde kogelgelagerde kunststof mixerarmen zijn wat stuuropvolging betreft instelbaar. Voor veel kunststofdelen zijn voor de liefhebbers aluminium upgrades verkrijgbaar. Of dat allemaal noodzakelijk is laat ik graag aan de ideeën en wensen van de gebruiker over.

Boven op het aluminium rotor-centraalstuk is een 3 mm opening die mij opmerkzaam maakte op de bevestiging van een zuiver centrisch lopend kogellager. De perfecte constructie om mijn coaxiaal helikopter experiment (HD video, op www.wisnicopter.nl ) naar het uiteindelijk acrobatische vliegplan te brengen. De solide kunststof bladhouders worden door een 8 mm verbindingsas (spindle shaft), met elkaar verbonden. zEen combinatie van een kogel- en een speciaal druklager nemen de grote krachten op. Op advies van het inlegvel werden de bladhouder bevestigingsbouten gecontroleerd op correcte borging. Dat klopte. Beter een controle te veel dan te weinig!

Je technisch hart gaat toch wat sneller kloppen als je deze perfect afgewerkte onderdelen ziet.

Door de binnenwerks 30 mm van elkaar opgestelde Carbon frame delen is er niet voldoende ruimte voor de 4 benodigde servo’s in paren van 2 met de achterkant tegen elkaar te monteren. Daarom worden een aantal kunststof opvulblokjes en stalen boutjes meegeleverd. De meegeleverde servo bevestigingsboutjes snijden zelf draad in het Carbon. Een drietal vooraan in het frame gemonteerde Hyperion DS20FMD digitale servo’s sturen met behulp van het push-pull (duwen en trek) systeem en een 90 graden scharnierpunt de tuimelschijf aan.

Het voordeel van een dubbele servo aansturing is dat een gelijkmatige servo belasting en grote nauwkeurigheid verkregen wordt. Een snelle Futaba S9254 servo bedient via een aluminium scharnier en een GY401 gyro de staartrotor. Een Graupner C 5077, speelt machinist bij de gasschuif van de motor. Alle op maat gemaakte stangetjes passen goed. Wat de uitslagen van de servo’s betreft werden de op de instructie afgebeelde instellingen gevolgd.

Met een 2,4 GHz Robbe/Futaba 12FG  zender en een R6014FS  2,4 GHz. ontvanger werden de vereisteinstellingen gemaakt. Een besturing die veel meer mogelijkheden biedt dan de relatief eenvoudige 2,4 GHz Robbe/Futaba 6EX waarmee voor ondergetekende een drietal jaren geleden het 2,4 GHz avontuur van start ging, doch desondanks tot in de grotere helimodellen tot nu toe perfect werkt. Wat een gemak zonder die ellendige frequentietoestanden. De slogan van de Compass fabriek, “veel vrije rotor pitchruimte” werd met een schuifmaat nagemeten. Vanuit de nul positie bleek 14 graden plus en min bladspoed op de hoofdrotor mogelijk. Het instructieblad geeft als maximum 13 graden pitch. Niks teveel gezegd, dus.

De GY401 gyro werd achter op het frame gemonteerd. Indien het kunststof ontvanger/accu bakje voor in het model omgedraaid wordt kan de gyro boven op het bakje gemonteerd worden. Het zwaartepunt  komt daardoor iets meer naar voren.
Uiteraard kan de staartservo ook onder de staartbuis gemonteerd worden. Ik heb mij laten vertellen dat bij helikopters met verbrandingsmotoren, servo's soms door oliedampen aangetast worden. Dat olie slecht is voor servomotoren en potmeters is wel bekend. Tijdens rugvlucht vliegen, als de oliedampen door de hoofdrotor over de servo naar beneden worden geblazen, kan ik mij er iets wat bij voorstellen. Ik zou haast veronderstellen dat moderne servo,s tegen binnen dringende verontreinigingen afgesloten zouden zijn. In ieder geval werkte deze in feite iets vertragende opstelling in “HEADING LOCK” desondanks uitstekend. Een andere opstelling is gemakkelijk uit te voeren. Een modegril, zoals vaker gebeurt, is meer mijn idee. Hoewel de totale montage tot vlieggereed gladjes verliep waren er een paar kleine puntjes die aangaven dat er mensen aan het model hadden gewerkt. De overdruknippel van de brandstoftank zit nogal verborgen tussen de Carbon framehelften. Een stukje slang vooraf aanbrengen was kennelijk vergeten. Uitbouwen van de tank bleek noodzakelijk. Het opnieuw aanbrengen van de stukjes geprofileerde siliconen dempers tussen frame en tank gaf wat werk maar goed te doen. Bij dit model wordt geen gebruik gemaakt van een z.g. header tank. Dit is een klein hulptankje dat altijd gevuld naast de carburateur staat opgesteld. Vanuit het verleden niet anders gewend dan rechtstreeks vanuit de tank aangezogen brandstof werd verder gewerkt.
Desondanks is montage van zo’n tankje, indien gewenst, eveneens gemakkelijk zelf te doen. Bij montage van de prachtige Allign uitlaat moeten de gekartelde sluitringen rond de lange bevestigingsbouten gebruikt worden. Na montage werd met behulp van de uitlaat als hefboom een bewegingsvrijheid van 10 mm aan de cylinderkop van de motor gemeten. De trillingsdempers geven de motor echt ruimte van bewegen!

Om de motortrillingen te dempen zijn in de ophanging twee dempers aangebracht. Op de linker foto een dempingsring rond de as en op de rechter foto een met siliconen gevulde trillingsdemper voor de montage flanken van de motor.

De cabine sluiting aan de onderkant aanbrengen vraagt door de fraaie, maar harde laklagen, enige voorzichtigheid. Dat geldt trouwens eveneens voor de behandeling van de cabine in het algemeen. De redelijk goed bereikbare gloeiplugaansluiting werd gemaakt met de hulp van een krokodil klemmetje. Daarmee waren de voorbereidende werkzaamheden ten einde. Al met al is de afbouw, buiten de zender afstelling, binnen twee avonden gemakkelijk te doen. Plezierige werkzaamheden. Na 38 jaren heli’s bouwen en vliegen nog altijd leuk! Voorzien van 600 mm lange Curtis Youngblood rotorbladen met een koorde van 59 mm werd de tank gevuld waarna de O.S. 55-HZ Hyper aan de beurt was. Gestart wordt de Compass motor van boven af door een elektrische startmotor met een zeshoekige vertandingsas. Zacht pruttelend kwam de motor tot leven. Aanvankelijk leek de centrifugaalkoppeling bij een tamelijk laag motortoerental in te grijpen. Even later bleek het ontkoppelen toch in orde. Tamelijk rijk stevig rokend nam de motor toeren op waarna de carbon rotorbladen strak ronkend ronddraaiden.
Geen bladspoor. De eerste, “lift off”, (hangen aan de rotorkop) toonde een redelijk stabiel model met een directe rotoropvolging. Na een paar rondjes vliegen werd de trukendoos van de zender geopend en rond de nik en rol servo aansturing enige exponentiële ruimte geprogrammeerd. De uitslag van de beide servo’s rond het middelpunt wordt daarbij een beetje vertraagd waarbij de volle uitslag wel gehandhaafd blijft. Daarna ging het model lekker waarna pirouettes, grote en kleine cirkels links en rechtsom volgden. De eerste indruk was goed waarna er enkele zonnige middagen heerlijk door allerlei soepele figuren werd rondgetoerd. Heftig vliegen was nog niet aan de orde. Geweldig ding was mijn reactie!

Dat van een gloednieuwe motor niet direct het uiterste vermogen gevraagd moet worden zal duidelijk zijn. Na een viertal liters brandstof te hebben verrookt werd geleidelijk naar het maximum  motorvermogen toegewerkt en de eindsnelheden opgevoerd. Mede vanwege het lage gewicht van de Compass en het hoge motorvermogen is er een uitstekende verhouding tussen veel motorvermogen en een laag gewicht. Dusdanig krachtig zelfs dat verticaal stijgen of horizontaal wegschieten een gevoel van sensatie geeft.

Zelfs de mooiste motor moet inlopen en dat gebeurt met een rijk ingesteld mengsel. Dat geeft wat extra rook, maar wel een safe gevoel.

Een strakke hoge eindsnelheid maakt grote loopings mogelijk. Rollen gaan als aan een touwtje. Verrassend na elke stevige stoeipartij de rust waarmee het model weer stil hangt. Door de vergrote koelventilator was van oververhitting geen sprake. Een van de kleine verbeteringen die in dit nieuwe ontwerp zijn meegenomen. Door de zeer krachtige OS55-HZ Hyper motor kunnen 620 mm lange hoofd rotorbladen probleemloos gebruikt worden.

Tijdens het vliegen werd eigenlijk niet eens aan de trillingsdempende motoropstelling gedacht. Het systeem functioneerde probleemloos! Gek genoeg heb ik weinig meer te melden dan een vrijwel onmerkbare aanwezigheid. De enige directe visuele resultaten werden verkregen door de niet schuimende brandstoftank. Daar de tank ook gevat is in dempend materiaal is dit geen betrouwbare indicatie. Wel zichtbaar was dat door de torsie van de motor de hoofdregelnaald een hoekje sleet uit de fraaie cabine. Door de hals van de carburateur iets te verdraaien bleef de naald hiervan uit de buurt. Kennelijk door het niet goed aandraaien ging een van de speciale cabineschroeven verloren. Een z.g. snap bevestiging was hier wel zo handig geweest. Een paar M3 boutjes onder de horizontale Carbon verstevigingsplaat  waren wat lengte betreft aan de korte kant. Die werden door langere vervangen en met borgvloeistof gezekerd. Peanuts, deze kleine puntjes, maar het hoort er wel bij!

Of de gemiddelde funvlieger met dit model ook uit de voeten kan? Van huis uit bezit dit rotorsysteem een prettige eigen stabiliteit en rust. Indien de servouitslagen niet al te groot gekozen worden, daarbij enig expo is de 3D Plus naar mijn idee uitstekend bruikbaar voor de funpiloot. Netjes schaalvliegen of acrobatische toeren uithalen is een zaak van serieus oefenen. Daarmee gaan de deuren naar de ultieme helibelevenis open. Veel oefenen is daarbij een must. De slanke Compass volgt de gegeven stuurbevelen lange tijd moeiteloos op!

Om na te gaan of het al dan niet een gemakkelijk te vliegen heli is kun je het model het beste even aan een rookie toevertrouwen. Uiteraard blijft de instructeur op onzichtbare afstand.

De 16 jarige Melle, een onder mijn begeleiding nog hoverende helipupil in de 450 tot 500 klasse elektrische helimodelletjes, heb ik gevraagd mijn Compass Plus te hoveren. Na even aanvoelen ging de Compass moeiteloos omhoog en bleef daar zonder enig probleem! De reactie van Melle na afloop? Dit vliegt gemakkelijker dan jouw 450 er Mini Titan. Hoewel ik met dit experimentje niet wil zeggen dat de Compass Plus voor de beginner geschikt is toont dit wel de vliegrust aan. Op afstand is het model door zijn kleurige cabine goed te volgen. De M3 bevestigingsbouten van de fraaie Align uitlaat bleken af en toe los te trillen. Door de lange Align uitlaat aan de achterzijde met een rubber trillingsdempertje naar het heliframe te ondersteunen bleek dit probleem afdoende opgelost. Aan de kwaliteiten van dit in China geproduceerde model zal het niet liggen.Na vele voorgaande helimodellen was deze kennismaking uitermate boeiend tot en met dikke pret. Stationair betrouwbaar doorpruttelend verdient de nieuwe O.S. 55 HZ Hyper ook een pluim. Met de zeer gunstig geprijsde Compass 30 Plus (458 Euro) en de serieuze aanpak van Benelux importeur www.rc-heliparts.nl komt het met dit model en deze motor daarom vast wel goed! Een zeer aantrekkelijke aanrader voor lekker vliegen is niks te veel gezegd naar mijn mening. Veel plezier er mee!

De Compass 3D Plus. Carbon V2.



contact | © 2016