Definities en begrippen


A

Aanloopstroom
De stroom die een elektromotor op het moment van aanlopen opneemt.

ABS
Kunststof, vooral toegepast voor vacuumgevormde onderdelen zoals: romp, neuskap, cockpit.

Accu
Accumulator, bestasande uit meerdere, meestal in seriegeschakelde en oplaadbare batterijen.

Achterlijst
Achterste rand van de vleugel, waaraan of waarin rolroeren en flaps gemonteerd kunnen worden

Actuator
Elektromechanisch apparaat waarmee bewegende delen (roeren) van een model in beweging kunnen worden gebracht. In de modelvliegerij wordt dit hoofdzakelijk met "servo" aangeduid.

Aerodynamica
Leer van de luchtstromingen.

Aileron (zie rolroer)

Adhesie
De kracht waarmee moleculen van lichamen die met elkaar in aanraking zijn elkaar trachten vast te houden.

Amfibie
Vliegtig dat zowel op land als op water kan landen en starten.

Ampere
Eenheid waarin de stroomsterkte wordt uitgedrukt. Doorgaans afgekort als A.

AM (Amplitue modulatie)
Het varieren van de sterkte (amplitude) van een hoogfrequent zendsignaal met het doel om informatie, bijvoorbeeld de stand van een stuurknuppel door de zender te kunnen versturen naar de ontvanger.

Arm mengsel
Een brandstof/lucht mengsel met relatief weinig brandstof (en dus ook smeerolie).

A.V.A.
Het “Aerodynamischen Versuchsanstalt” te Göttingen in Duitsland. Onderzoeksinstituut waar veel onderzoekingen zijn gedaan naar de eigenschappen van vleugelprofielen zoals: Göttingen- en Eppler profielen.

B

Balancer
Elektronische schakeling die er voor zorgt dat bij het laden van in serie geschakelde LiPo’s de cellen ten opzicht van elkaar met een gelijke spanning geladen worden.

Baseleg
De landingsfase waarin haaks op de landingsrichting wordt gevlogen. Deze fase gaat over in final.

Ballast
Dood gewicht (bijvoorbeeld loden (vis)kogeltjes) die worden gebruikt voor het in balans brengen van het model. bijvoorbeeld voor het op de juiste plaats leggen van het zwaartepunt.

Bedrading
Aansluitdraden voor het verbinden van servo's accu en ontvanger.

Bedrijfsspanning(skarakteristiek)
Een accu zal in bedrijfstoestand een spanning leveren die lager ligt dan de klemspanning en verder afhankelijk is van o.a. het stroomverbruik. Raadpleeg hiervoor de specificaties van de leverancier.

Bereik
De afstand waarover het signaal van de zender nog storingsvrij door de ontvanger kan worden ontvangen.

Biconvex
Dubbelbol. Heeft betrekking op een vleugelprofiel dat zowel onder als boven bol is.

Breedte
De afstand tussen neus en achterkant van eeb vleugelprofiel. Is gelijk aan de lengte van de koorde.

BID (Battery-Identification-Data)
Een identificatie systeem (van Robbe) waarmee de gegevens van een accu met behulp van een eigen chip door een hiervoor geschikte lader kunnen worden uitgelezen.

Blokkeerstroom (zie aanloopstroom)

C

CAD
Computer Aided Design. Een door een computer ondersteund programma voor het ontwikkelen van producten en systemen.

CAM
Computer Aided Manufacturing. Een computersysteem voor het vervaardigen van producten die op basis van een CAD-ontwerp zijn ontwikkeld.

Canard
Vliegtuig waarvan het stabilo zich voor de vleugel bevindt. Ook wel eendmodel genoemd.

Capaciteit
De hoeveelheid opgeslagen electrische energie. Wordt uitgedrukt in ampere-uur (Ah) of milliampere-uur (mAh)

Carburateur
Inrichting voor het op de juiste verhouding mengen van de brandstof met de lucht.

Cayley; Sir George Cayley (27 december 1773 - 15 december 1857)

George Cayley was een Britse luchtvaartpioneer die door velen als ‘de vader van de luchtvaart’ wordt gezien. Hij had in zijn tijd meer inzicht in de aerodynamica dan wie dan ook en bracht zijn ideeën daarbij ook nog in de praktijk. Het principe van het vastevleugel vliegtuig zoals we dat nu nog steeds kennen werd het eerst door Cayley gepropageerd.
Hij publiceerde zijn gedachten in1809 met de studie On Aerial Navigation waarin hij een aantal voorwaarden voor het vliegen uiteenzet. Hij zette zich bijvoorbeeld af tegen de idee van een ornithocopter, een vliegtuig dat zich voortbeweegt door met de vleugels te klapwieken. In plaats daarvan pleitte hij voor aerodynamisch vliegen, oftewel het glijden door de lucht met vaste, lift genererende vleugels en voortgedreven door een motor. Hiermee introduceerde hij als eerste de basisconfiguratie van moderne vliegtuigen.
Cayley bouwde een zweefvliegtuig dat zo stabiel was, dat het onbemand van een heuvel kon worden gelanceerd.
Citaat van Cayley: "Het was een schitterend gezicht deze mooie, witte vogel majestueus van de top van de heuvel naar de vlakte te zien zweven, door de stand van het roer en door zijn eigen gewicht dalende onder een hoek van ongeveer 8 graden met de horizon". Welke liefhebber van zweefmodellen kent dit gevoel niet?
Andere verdiensten van Cayley waren zijn begrip van vleugelprofielen en de noodzaak van V-stelling voor de stabiliteit.
Niet lang na zijn dood raakte zijn naam in de vergetelheid, waarom is onduidelijk. Hiermee werd ook zijn werk onvindbaar voor bijna alle luchtvaartpioniers in de tweede helft van de 19e eeuw.

CE-merk
Het teken waarmee wordt aangegeven dat apparatuur van welke aard dan ook aan de geldende Europese normen voldoen. Aan het CE-merk is een z.g.n. "conformiteitsverklaring" verbonden die in de gebruiksaanwijzing dient te worden opgenomen (zie: "conformiteitsverklaring"). Het CE-merkteken dient gevold te worden door de z.g.n. "pincode". Deze "pincode" verwijst naar de keuringsinformatie waarop het CE-merk is verleend. Bij zendinstallaties voor de modelbouw kan deze door een uitroepteken worden gevolgd. Dit geeft aan dat de zender niet voor alle frequenties gebruikt mag worden. In de gebruiksaanwijzing van de fabrikant dient te worden aangegeven waarvoor en in welk land dit wel het geval is.
Let op! CE-merkteken+pincode+conformiteitsverklaring dienen op alle producten aanwezig te zijn die onder de betreffende Europese Regelgeving vallen.

CG, Center of Gravety (zie: zwaartepunt)

CLARK Y

Het Clark Y profiel.

Dit profiel is in 1924 in de USA ontwikkeld voor vliegtuigen in de jaren twintig. Later heeft het zich ook bewezen geschikt te zijn voor modelvliegtuigen. Een groot voordel is de vlakke onderkant, waardoor het bouwen op een bouwplank van vleugels die uit ribben en liggers zijn opgebouwd eenvoudig is. Het profiel levert een onkritisch vlieggedrag op, waarbij de lifteigenschappen weinig onderdoen voor de complexere profielen.
Het CLARK Y profiel wordt in vele beginners- en allroundkisten en sommige trainers toegepast. Een nadeel is dat er geen rugvlucht mee mogelijk is en dat bij een erg heftig wordt gereageerd op het hoogteroer.

Clark Y in Model Aircraft
The Clark Y has found tremendous favour for the construction of model aircraft, thanks to the flight performance that the section offers at medium Reynolds Number airflows. Application on model aircraft is very wide, ranging from free-flight gliders through to multi-engined radio control scale models.
The Clark Y is appealing thanks to its high camber, which produces a very good lift to drag (l/d) ratio on comparatively lightweight balsa models, and for its near-horizontal lower surface, which aids in the accurate construction of wings on plans mounted on a flat construction board.Young and inexperienced modellers are thus able to build model aircraft which provide a good flight performance due entirely to its aerofoil shape. The benign stalling characteristics of the airfoil are another aid, as this allows an inexperienced radio-control model hobbyist a better possibility of recovering from a stall in flight, to the benefit of the model. The depth of the section lends itself to easier wing repair, as the modeller will often then have better access to balsa structural elements. In addition, the Clark Y section's depth also permits the flush installation of what are considered "standard" sized R/C servo motors within a wing for actuation of ailerons, flaps etc. , without an excessive reduction in performance.

Clunk tank
Kunstvlucht tank met speciale voorzieningen om de motor in alle vliegstanden van brandstof te kunnen voorzien.

Coder
Elektronische schakeling waarmee de stuurknuppelbewegingen worden omgezet naar elektrische- of digitale pulsen. (zie ook: decoder)

Cohesie
De onderlinge aantrekkingskracht van de moleculen in een bepaalde stof.

Concaaf
Hol. Heeft betrekking op het vleugelprofiel, dat bovenaan bol is en onderaan hol.

Conformiteitsverklaring
De verklaring waarmee de fabrikant aangeeft op basis van welke normen hij aan het CE-merk voldoet. In elke gebruiksaanwijzing moet een "conformiteitsverklaring" zijn opgenomen. Ook apparatuur van buiten de Europses Unie dient van een CE-merk en "conformiteitsverklaring te zijn voorzien.
Let op! Het ontbreken van het volledige CE-merk kan in geval van schade of aansprakelijkheid leiden tot problemen met een verzekering.

Crash
Het onbedoeld in aanraking komen van het model met de grond waarbij het model grotendeel wordt vernietigd.

Cycle
Periode of trilling, zie frequentie.

D

D
Afkorting voor "drag", de luchtweerstand. Ook wel als subscript "d" gebruikt.

dB
Decibel. Eenheid voor de geluidssterkte.

Decalage
Verschil in vleugelinstelhoek bij tweedekkers.

Decoder
Electronische schakeling in de ontvanger. Filtert de pulsen uit het ontvangen signaal en stuurt deze door naar de juiste servo.

Dempingstule
Dikke rubberen ring voor de bevestiging van servo's om motortrillingen zo veel mogelijk te dempen.

Differential
De mogelijkheid om de rolroerverstelling omhoog en naar beneden afzonderlijk in te stellen. Dit is van belang voor het opheffen van het z.g.n. "negatief giermoment".

Display
Beeldscherm (LCD) op een zender waarmee de instellingen van de verschillende functies kunnen worden gerealiseerd en afgelezen.

Startdisplay op een moderne zender. (Robbe)

Downthrust (zie: domping)

Domping
Naar beneden gerichte stand van de propellernaaf. Hiermee wordt bij verschillende toerentallen de langsstabiliteit van het model verbeterd.

Down wind
De eerste landingsfase waarin in tegenovergestelde richting parallel in de landingsrichting wordt gevolgen. Deze fase gaat over in baseleg.

Drossel
Smoor of gasklep (Duits).

Drukpunt
Het liftmiddelpunt (of drukpunt) ligt bij modelvliegtuigen met symme­trisch stabilo op ongeveer een derde van de profiel breedte van vleugel­ neus, terwijl het bij modellen met dragend stabilo op ongeveer een der­de van de breedte van de vleugelachterrand ligt. Alleen wanneer liftmiddelpunt en zwaartepunt op dezelfde plaats liggen is het model in evenwicht en alleen dan is zweefvliegen mogelijk.

Drukpuntverscuiving
Drukpuntsverschuiving is de verplaatsing van het liftmiddelpunt bij ver­anderende instel- en invalshoek. Wordt de instelhoek te sterk vergroot dan begint het model te pompen. Door de instel hoek te vergroten is het liftmiddelpunt namelijk voor het zwaartepunt komen te liggen. Het model zal pas weer normaal gaan vlie­gen als, door de rompneus met extra ballast te verzwaren het zwaarte­punt naar het drukpunt wordt verlegd. Door het liftmiddelpunt door ver­kleinen van de instelhoek naar achteren te verschuiven zal het model zeer steile glijvluchten gaan maken. Dit kan alleen weer tenietgedaan worden door het zwaartepunt naar achteren te verleggen. Tevens treedt drukpuntsverschuiving op (zij het in mindere mate) bij ver­andering van de invalshoek van een profiel. Het sterkst gebeurt dat bij sterk gewelfde, holle profielen.

Druppelladen (Pulsladen)
Het laden van een accu met korte stroomstootjes. Meestal wordt dit toegepast om al opgeladen accus gedurende enige tijd vol geladen te houden zonder dat overbelasting zal ontstaan.

Dual rate (zie: zenderinstellingen)

Dwarsas
As die in de lengte van de vleugel door het zwaartepunt loopt.

E

EPP
Expanded Polypropyleen. Een, met name door Multiplex veel gebruikte kunstsof soort voor ARF modellen.

Elevon
Combinatie van hoogteroer en richtingsroer. Wordt toegepast bij deltavleugels.

Elevator (zie: hoogteroer)

Epoxy
Thermohardende kunshars.

Expo (zie: zenderinstellingen.)

EMK-rem
Het tijdelijk kortsluiten van de elektromotor waardoor de bladen van een klappropeller kunnen samenvouwen en daardoor de luchtweerstand minimaliseren.

F

Fairing
Gestroomlijnde vloeiende overgang, bijvoorbeld tussen romp en vleugel.

Faraday
Kooi van Faraday, genoemd naar Michael Faraday, is de benaming voor een kooivormigeconstructie van elektrisch geleidend materiaal zoals koper of ijzer die er voor zorgt dat statische elektrische velden niet in de kooi kunnen doordringen. De kooi is wel doordringbaar voor statische magnetische velden zoals het aardmagnetisch veld. De kooi biedt bescherming tegen statische ontladingen zoals bliksem. Ook wordt het toegepast om storingen op signaalkabels, zoals televisie antennekabels buiten de kern te houden, de zogenaamde coaxkabels.

Michael Faraday

Ruimtes die elektromagnetische straling moeten buitensluiten, zogenaamde: elektromagnetische dode ruimtes,  wordt een "kooi van Faraday" geconstrueerd door het in zijn geheel met metalen platen of fijnmazig gaas te omsluiten. Allerlei stoorvelden, zoals van bliksem hebben in een kooi van Faraday geen invloed; vandaar dat kritische natuurkundige experimenten vaak in een dergelijke kooi gedaan worden.
 Als vuistregel geldt dat een kooi van Faraday ook ondoordringbaar is voor elektromagnetische straling, als de maaswijdte kleiner is dan een tiende van de golflengte van die straling. De golflengte van een magnetron is ongeveer 12 cm en de maaswijdte ongeveer een milimeter, zodat er een zeer goede afscherming is. Ontvangst van radiosignalen is in een kooi van Faraday daarom niet mogelijk. Het uitzenden van radiosignalen door een zender met antenne in een kooi van Faraday is ook niet mogelijk. Een dichte auto werkt als kooi van Faraday, maar vanwege de grote ramen is ontvangst van hoge frequenties zoals voor GSM (golflengte 33 cm) in de auto nog wel mogelijk.

Final
De landingsfase waarin het landingspunt of -baan wordt benaderd. De fase eindigt met de “touch down”, het punt waarin het model de grond raakt.

Flaps
Landingsklap of -klep om de lift tijdens de landing te vergroten bij een gelijktijdige verhoging van de weerstand. Flaps kunnen ook worden gebruikt bij de start. De instelhoek is dan kleiner waardoor de weerstand laag blijft. Bij zwevers kunnen kleine veranderingen in de stand, zowel naar boven als naar beneden de snelheid en de lift zodanig beinvloeden dat de vleugel meer lift krijgt in thermiek (+) of meer snelheid (-).

Flaperon
Het woord is samengesteld uit: Flap + (ail)eron, een combinatie dus van flaps en rolroeren. De combinatie van deze functie maakt verschillende zeer praktische instellingen mogelijk. Een voorwaarde is dat elk roer en bij voorkeur ook elke flap door een eigen servo wordt aangestuurd.
De toepassing in de modelbouw is velerlei. Voor het verkorten van de landing, met name bij zweefvliegtuigen, worden vaak beide rolroeren gelijktijdig omhoog gezet. Om hierbij het torsie effect te neutraliseren en de invalshoek te vergroten wordt extra nog een klein beetje "up" gegeven. Ook is het hierbij mogelijk om gelijktijdig de flaps naar beneden te zetten. Dit wordt meestal met CROW of "Krähe" aangeduid. Met computerzenders is het tevens mogelijk om de verstelling van de roeren afzonderlijk in te stellen waarbij de weg omhoog en omlaag verschillend is en "Differential" wordt genoemd. Met deze instelling klan het z.g.n. "negatief giermoment" worden geneutraliseerd.

De instelling van rolroeren en remkleppen in de CROW configuratie. (Foto : Modell Aviator)

Flutter
Flapperen van de roeren of vleugeltips.

Flux
Vloeimiddel dat wordt gebruikt bij hardsolderen.

Flybar

De flybar of stabilisatiebar is een onderdeel van het rotorsysteem van een helikopter dat bestaat uit een haltervormige verbinding op de hoofd rotoras met het doel deze te stabiliseren door de cyclische pitch zodanig te wijzigen dat het effect van de verstoring wordt tegengewerkt. Hierdoor wordt de helikopter beter controleerbaar. De flybar kan aan de uiteinden zijn voorzien van gewichten of paddels.

A number of engineers, among them Arthur M. Young in the U.S., and Dieter Schlüter in Germany, found that flight stability for helicopters could be achieved with a stabilizer bar or flybar. The flybar has a weight or paddle (or both for added stability on smaller helicopters) at either end which cause the bar to stay relatively stable in the plane of rotation and reduces crosswind thrust on rotors. Through mechanical linkages, the stable rotation of the bar is mixed with the swashplate movement so that internal (steering) as well as external (wind) forces on the rotor are damped. This eases the workload of the pilot to maintain control of the aircraft. A helicopter with more than two blades does not require a flybar as the extra blades achieve the same result. Stanley Hiller arrived at a similar method to improve stability by adding short stubby airfoils, or paddles, at each end; However, Hiller's "Rotormatic" system was also used to deliver cyclic control inputs to the main rotor as a sort of control rotor, the paddles provided the added stability by dampening the effects of external forces on the rotor.
In fly-by-wire helicopters or RC models, a microcontroller with gyroscopes and a venturi sensor can replace the stabilizer. This flybar-less design has the advantage of easy reconfiguration and fewer mechanical parts.

Flybar met paddels.

Flybarless

Een rotorsysteem zonder flybar, wordt algemeen met flybarless, aangeduid. Door de afwezigheid van de flybar wordt de stabiliteit van een helikopter met het flybarless systeem gerealiseerd met behulp van meerdere giro’s en mixers. Dit wordt ook wel een virtuele flybar genoemd.
Het voordeel van het flybarless systeem is een grotere manoeuvreerbaarheid en een lagere massa van de rotorkop waardoor een hoger netto vermogen voor de rotor zelf beschikbaar is. Deze winst resulteert bijvoorbeeld in een langere vliegduur. Recente ontwikkelingen laten zeer compacte lichtgewicht systemen zien die 3D vliegen sneller mogelijk maakt voor de minder ervaren piloot.  

Generally referring to a two-bladed rotorsystem that does not have a flybarto help stabilize it. Helicopter rotor systems having more than two blades are all flybarless. Since the flybar is absent, a flybarless rotor system usually needs a series of additional gyros and an additional mixer (sometimes called a virtual flybar) to help stabilize the head and make it flyable. While it is possible to fly a flybarless head without these extra gyros and mixers, it is very difficult. The benefit of a flybarless two-bladed head is increased maneuverability and lower rotating mass, which means more power to the rotors. Flybarless rotor heads with more than two blades are very useful for scale models.

FM (Frequentie modulatie)
Het varieren van de frequentie van een hoogfrequent zendsignaal met het doel om informatie, bijvoorbeeld de stand van een stuurknuppel door de zender te kunnen versturen naar de ontvanger.

Formeren
Het meervoudig laden en ontladen van accu’s teneinde spanning en stroomsterkte zo gelijk mogelijk te laten zijn. De afgiftecapaciteit wordt hierdoor geoptimaliseerd. Accu pakketten van hoge kwaliteit worden door de fabrikant al geformeerd.

FPV
First Personal Vieuw, een methode om met behulp van een camera een modelvliegtuid te besturen. De camera is voorzien van een zender en de piloot draagt hierbij een video bril waarmee hij de positie van het modelvliegtuig kan zien.

Frequentie (Hertz)
De fysische grootheid die, bijvoorbeeld van een elektronische schakeling, het aantal golven per seconde weer geeft. Frequentie staat in het algemeen voor het aantal perioden per tijdseenheid. De eenheid van frequentie wordt Hertz genoemd.

Full house
Letterlijk "volle bak": het model wordt over de vier functies afzonderlijk bediend: richting-, hoogte-, rolroeren en gasregeling.

Functie
Dienst of bedieningsmogelijkheid. Bij de afstandsbediening: met elke functie (op zender of ontvanger) kan een servo worden bediend.

Fuselage
Romp. In Amerikaanse modelbouwtijdschriften wordt dit vaak afgekort met "fuse".

G

Galvanische verbinding
Een elektrisch geleidende verbinding.

Gasklep
Klep of schuif in de carburateur waarmee de luchttoevoer kan worden geregeld.

Geintegreerde schakeling
Een elektrische schakeling (IC), waarbij op een zeer kleine oppervlakte (enkele mm2) een groot aantal (miljoenen) electronische componenten zijn ondergebracht.

Geheugenkaart
Een geheugenkaart is een compact opslagmedium met een chip waarop gegevens of programma bestanden kunnen worden opgeslagen. De capaciteit wordt aangegeven in gigabyte (GB). Momenteel zijn al kaarten met een opslagcapaciteit van 32 GB beschikbaar. Deze kaarten worden gebruikt in de moderne video camera's voor modelvliegtuigen en steeds meer als geheugen in zenders.

Geinverteerd
Een ten opzichte van een normale positie omgekeerde stand van het model, bijvoorbeeld rugvlucht. Wordt gebruikt bij kunstvlucht figuren.

Gesloten lus
Overbrengingssysteem m.b.v. twee kabels tussen servo en roer. Hierbij is sprake van een trek-trek-overbrenging, in tegenstelling van de trek-druk-overbrenging bij bouwden kabels. Deze overbrenging maakt een nauwkeuriger bestring mogelijk dan met bouwdenkabels.

Gieren
Bewegingen om de topas.

Gimbal
Kardanophanging van de stuurknuppels op de zender waardoor de stuurknuppel in alle richtingen kan worden bewogen.

Gloeiplug
Gloeielement (uiterlijk vergelijkbaar met een bougie), dat bij de start wordt voorgegloeid met een accu en dat nadat de motor op eigen kracht loopt elektrisch wordt afgekoppeld. De gloeiplug wordt daarna door de verbranding in de cilinder op temperatuur gehouden.

Golflengte
Elke elektromagnetische trilling met een bepaalde frequentie heeft een eigen golflengte. Zo heeft bijvoorbeeld een elektromagnetische trillingsfrequentie van 27 MHz een golflangte van 11 meter. In de 144 MHz-band is de golflengte nog slechts 2 meter.

Grenslaag
Een dunne laag aan de oppervlakte van een stromingsprofiel, zoals een vliegtuigvleugel, waar de lucht in toenemende mate wordt afgeremd. Hierbij wordt er van uitgegaan dat de luchtmoleculen direct aan het vleugeloppervlak stil staan en dat de snelheid in deze dunne laag van ca. 2 mm oploopt tot de vliegsnelheid. Alle wrijvingskrachten, zowel die voortkomen uit de oppervlaktewrijving als uit de wrijving van de luchtmoleculen onderling ontstaan in de grenslaag. Zie ook Prandtl.

Gyro
Een oorspronkelijk op basis van snel draaiende tollen gebaseerd instrument dat wordt gebruikt voor het automatisch stabiliseren van de vliegrichting en stabiliteit. Moderne gyro’s werken op basis van een piezoelement en zijn daardoor zo klein dat ze in modelvliegtuigen en helikopters gebruikt kunnen worden.

Gyroscopische precisie
E
en roterend voorwerp verzet zich ertegen dat zijn hoogte of bewegingsrichting wordt veranderd. Dit kunnen we bijvoorbeeld zien aan eendraaiend fietswiel of een gyroscoop. Als er een kracht wordt uitgeoefend op een draaiend voorwerp zal er een kracht ontstaan, die 90° gedraaid is in de richting van de rotatiebeweging. Zo zal bijvoorbeeld een beweging van het vliegtuig naar rechts resulteren in een neerwaartse kracht op de propeller. Je kunt in het demonstratielogboek een manoeuvre bekijken van een vliegtuig dat dit effect gebruikt. Deze manoeuvre wordt de "Lomcevak" genoemd.

Geïnduceerde weerstand
De vleugelweerstand die wordt veroorzaakt doordat een de vleugeltips wervels ontstaan.

Gyroscopische precisie
Een roterend voorwerp verzet zich ertegen dat zijn hoogte of bewegingsrichting veranderd wordt. Dit kunnen we bijvoorbeeld zien aan een draaiend fietswiel of een gyroscoop. Als er een kracht wordt uitgeoefend op een draaiend voorwerp zal er een kracht ontstaan die 90 graden gedraaid is in de richting van de rotatiebeweging. Zo zal bijvoorbeeld een beweging van het vliegtuig naar rechts resulteren in een neerwaartse kracht op de propeller.

H

Handstart
Wordt uitgevoerd met en vanuit de hand terwijl de deelnemer op de grond staat.x

Het F3A model, de Charter van Robbe, kan uit de hand worden gestart.

Hoogdekker
Vliegtuig waarbij de vleugel hoog op de romp is geplaatst. Dit geeft een grote eigen stabiliteit omdat het zwaartepunt onder de vleugel ligt. Deze modellen zijn zeer geschikt als trainers.

De TAXI Cup II is een prachtige hoogdekker met eenverbrandingsmotor. Hoogdekkers zijn zeer geschikt voor beginners en als trainer. De Taxi Cup II wordt bestuurd via rolroeren, hoogteroer en richtingsroer.

Hoogteroer (Elevator)
Beweegbaar deel van de horizontale stabilisator aan de staart waarmee een neerwaartse of opwaartse kracht kan worden uitgeoefend op romp en vleugel om de aanstroomhoek van de luchtstroming om de vleugel te wijzigen. Door een opwaartse beweging van het hoogteroer wordt de lift vergroot en kan het vliegtuig stijgen en door een neerwaarste beweging zal het dalen.

I

IC
Integrated Cirquit, zie geintegreerde elektronische schakeling.

Installatie
De radio apparatuur(als zelfstandig naamwoord) zelf of de inbouw van de apparatuur (als werkwoord).

Instelhoek
De instelhoek is het hoekverschil tussen de vleugel en het stabilo. Dit hoekverschil is nodig om bij een bepaald vleugelprofiel de optimale draagkracht te kunnen realiseren. Ieder vleugelprofiel heeft zijn eigen waarde die kan worden afgeleid van de profiel diagrammen. Afhankelijk van het vleugelprofiel zal de instelhoek ongeveer tussen 1° en 3° liggen.
Om de instelhoek te kunnen meten zijn speciale instelhoekmeters ontwikkeld. (zie foto: een instelhoekmeter van Lindinger)

Instelhoekverschil
Het instelhoekverschil, ook wel instelhoek genoemd, is het verschil tussen de instelhoeken van vleugel en stabilo. Dit instelhoekverschil is van groot belang voor het verkrijgen van voldoende lift en stabiliteit. De grootte ervan is sterk afhankelijk van het vleugelprofiel. De meest voorkomende waarden liggen tussen 1 en 3 graden.

Instelhoekverschil meting
Voor het meten van de instelhoek worden door verschillende leveranciers handige apparaten in de handel gebracht.

Links het instelhoekverschil zoals dat grafisch wordt weergegeven. Het instelhoekverschil kan eenvoudig worden gemeten/ingesteld met een instelhoek meter en een losse driehoek waterpas. De werkwijze is als volgt:
a. stel met de instelhoekmeter een hoek in van 1-3° (of wat anders wordt aangegeven of uitgetest).
b. stel vervolens met de zender en ontvanger ingeschakeld met de losse waterpas het stabilo horizontaal.

Interactie
De onderlinge beinvloeding van functies, bijvoorbeeld: het ongewenst meebewegen van een roer terwijl een ander roer wordt bediend.

Interferentie
Radiostoring, bijvoorbeeld door belendende kanalen.

Invalshoek
De invalshoek is de hoek waaronder het vleugelprofiel door de lucht wordt aangestroomd. Terwijl de instelhoek vast is kan de invalshoek, o.a. door veranderingen in luchtstroming tijdens het vliegen veranderen. Bij vliegen in stilstaande lucht zijn instelhoek en invalshoek gelijk.

Impeller
Een door een motor aangedreven axiale compressor die wordt toegepast als quasi straalmotor. Deze schoepen wielen werken vooral goed bij hoge toerentallen die tegenwoordig ook met z.g.n. inline borstelloze motoren gerealiseerd kunnen worden. Hierdoor heeft deze aandrijving weer aan interesse gewonnen.

IPDI
IPD staat voor “Intelligense Pulse Code”. De intelligentie wordt verkregen door een micro-processor in de ontvanger. Deze processor analyseert de binnenkomende signalen, bewerkt ze indien nodig en geeft ze door aan de servo’s. Een signaal wordt dan alleen als juist gedetecteerd als de tijdsduur ligt in de range van 890 µsec tot 2350 µsec. Deze waarden zijn correct voor de meeste zenders. Indien een signaal niet aan deze voorwaarde voldoet wordt het tegengehouden en vervangen door het laatste goede signaal. Hiermee gaat het door tot een goed signaal is ontvangen. Indien totaal geen geldig signaal wordt ontvangen worden de servo’s in een vooraf in te stellen neutrale stand gezet.

J

Jet
Vliegtuig aangedreven door een straalturbine.

JR stekkerverbinding
Een tweepolige stekkerverbinding met poolverwisselingsbeveiliging. Geschikt voor de aansliting van accu’s aan regelaars. De maximale stroomsterkte is begrensd tot ongeveer 7 A.

K

Kanaal
Frerquentie. Deb 35 MHz-band is onderverdeeld in xx kanalen die zijn toegewezen voor radiografisch bestuurde vliegtuigmodellen.

Kanaalscheiding
Om meerdere modellen tegelijkertijd te kunnen laten vliegen, moeten de ontvangers de diverse frequentiekanalen voldoende kunnen onderscheiden.

Kielvlak (verticale stabilisator)
Het verticale deel van de staart dat de lengsas van het vliegtuig gericht houdt in de richting van de vliegbeweging.

Klemspanning
Spanning aan de aansluitpolen van een onbelaste accu. Zodra een accu wordt belast zal de spanning aan de polen lager worden en de bedrijfsspanning aannemen. Iedere accu type heeft zijn eigen karakteristiek. Fabrikanten kunnen hierover informatie geven. De klemspanning is slechts een indicatie voor het duurvermogen van een accu. In de praktijk is deze dus lager.

Klappropeller
Propeller met scharnierbare bladen die zich in de aandrijfsloze fase langs de romp opvouwen. Deze propellers worden vooral gebruik bij elektro aangedreven zwevers.

Klappropeller met spinner. De spinner is bovendien uitgevoerd als koelluchtfan, zie inkepingen.

Koolstofvezelrovings
Koolstofvezelrovings zijn bijna eindeloze koolstof draden die op spoelen worden verkocht. In hars of secondenlijm gedrenkt worden ze gebruikt om constructies te verstevigen.

Koorde
Rechte verbinding tussen de uittredepunten van de skeletlijn. Referentielijn voor instel- en invalshoek. De lengte is bepalend voor de profielbreedte.

Koppeling
Overbrebging tussen servo en stuurvlakken d.v.m. kabels of stangen.

KNVOL
Koninklijke Nederlandse Vereniging Onze Luchtmacht.

KNVvL
Koninklike Nederlandse Vereniging voor Luchtvaart, afdeling Modelvliegsport.

Kristal
Elektronisch onderdeel dat in een bepaalde frequentie gaat trillen, zodra het op de juiste frequentie wordt aangesloten. Frequentie bepalend element in zender en ontvanger.

Krukas
In combinatie met de drijfstang zet de krukas de op en neergaande beweging van de zuiger om in een draaiende beweging.

L

Langsas
As door neus, zwaartepunt en staart van een vliegtuig (zie: stabiliteit)

Laagdekker
Een model waarbij de vleugel onderaan de romp wordt bevestigd.

De Steijnerick, een kleine laagdekker.

LCD
Liquid Christal Display, een beeldscherm waarin door middel van vloeibare kristallen, onder invloed van zwakke elektrische stroompjes karakters worden gevormd. Veel zenders zijn tegemwoordig met een LCD-scherm uitgevoerd.

LED
Light Emitting Diode, een lichtbron waarvan de werking berust op de eigenschap van een halfgeleider-junctie om elektrische energie zonder warmteontwikkeling om te zetten in licht.

Lift
De opwaartse kracht die ontstaat door de stroming van de lucht over de vleugel. Deze kracht staat loodrecht op de bewegingsrichting. De grootte van de lift is afhankelijk van de vliegsnelheid, het vleugelprofiel en de hoek waaronder de luchtstroming de vleugel treft.

Lineair
Rekenkundig rechtevenredig.

Losschietvleugel
Vleugel die zo op de romp is bevestigd, bijvoorbeeld met elastieken of kunststof breekbouten, dat deze deze bij een te harde landing losschiet van de romp.

LRK motor
Elektromotor als z.g.n. buitenloper uitgevoerd die speciaal voor modelvliegtuigen is ontworpen. Veelal is deze opgebouwd uit een vrijdragende 14-delige rotorklok en 12-delige stator. Door zijn hoog draaimoment is deze motor geschikt voor directe aandrijving van grote propellers. De aanduiding LRK is ontstaan uit de ontwikkelaars van dit motortype, nl. : Lucas, Redbach en Kühlfuß.

M

Magnetisch veld
In 1820 ontdekte de natuurkundige Oerstedt (Kopenhagen), dat een magneetnaald, draaibaar opgesteld in de nabijheid van een draad, waardoor een elektrische stroom loopt, hierdoor beinvloed wordt en van stand verandert.
Bij het elektrovliegen kan ook een stroom (van vele Amperes) die naar de motor loopt , bijvoorbeeld via de antenne, invloed uitoefenen op de signalen die de ontvanger binnenkomen en de signalen van de ontvanger naar de servo's. Het scheiden of afschermen (bijvoorbeeld met aluminium folie) van vermogensdraden en signaaldraden is hierbij een noodzaak.

Magnuseffect
Wanneer een geïdealiseerde stroming om (niet langs) een cilinder wordt opgewekt zódanig dat alle stroomlijnen concentrische cirkels zijn, wordt de stroming een circulatiestroming genoemd.De grootte van de circulatie is de integraal van de snelheid over een kromme door de lucht om de cilinder heen, dit is de circulatie K = 2
πr V, waarin V de tangentiële snelheid en r de afstand tot de oorsprong is. Dit is een constante grootheid in het gebied van de ·geïdealiseerde stroming. De snelheid is dus omgekeerd evenredig met de straal. Wanneer de stroming om een cilinder wordt gesuperponeerd op eén stroming langs een cilinder, dan ontstaat er-een draagkracht loodrecht op de aanstroomrichting. Dit is het Magnuseffect waardoor draaiende golfballen afwijken van hun baan en hierop berust ook de werking van het rotor-schip van Flettner.

Het ontstaan van het Magnuseffect

MAV
Zeer kleine vliegtuigen met een spanwijdte van 15 tot 25 cm die uitgerust zijn met bijvoorbeeld een videocamere met zender die zowel binnen als buiten in kleine ruimtes kennen vliegen en militairen, politie of brandweer informatie kunnen geven over hun operatiegebied.

Megapixels
Digitale foto's zijn opgebouwd uit miljoenen beeldpunten, pixels genoemd. Veel zenders zijn momenteel voorzien van een LCD beeldscherm voor het instellen van de verschillende functies.

Metaal-op-metaal storing
Indien metalen delen met elkaar contact maken kunnen electrische ontladingen ontstaan, waardoor de zogenaamde "knakpulsen" ontstaan. Gevoelige ontvangers kunnen hierdoor worden ontstoord.

Methanol
Methanol is een alcohol met de structuurformule CH3OH. Het is de basiscomponent voor brandstof voor gloeiplug verbrandingsmotoren.

Microballons
Microballons zijn kleine holle gasbolletjes die met plamuur of epoxyhars kunnen worden gemengd om oneffenheden weg te werken. Het mengsel is licht en gemakkelijk schuurbaar.

Microswich
Schakelaar die door een zeer geringe verplaatsing bediend kan worden. De schakelaar zelf behoeft dus niet "micro" te zijn.

Middendekker
Vliegtuig waarbij de vleugel op de hartlijn van de romp zijn geplaatst.

De Nemesis van Graupner, vooebeeld van een middendekker.

Multimeter
Elektrisch meetapparaat voor het meten van diverse electrische grootheden. Bijvoorbeeld: spanning (V), stroomsterkte (A), weerstand ()

Motorsteun
Het constructiedeel waarop of waaraan de motor wordt bevestigd.

MPX stekkerverbinding
De MPX stekkerverbinding is zespolig en kan een stroomsterkte van ongeveer 35 A verdragen en is daardoor zeer geschikt voor de zwaardere BL motoren. Voor zeer hoge vermogens wordt de verbinding gebruikt door de zes polen twee aan twee te verbinden.

Multiplex
MULTIPLEX producten zijn alom gerespecteerd in de modelbouwwereld. Sinds het openingsjaar in 1958 ontwikkeld en produceert MULTIPLEX besturingsproducten voor de modelsport. Legendaire producten als de MULTIPLEX 101, de eerste volledig proportionele radiobesturing of de ROYAL mc met microprocessor waren mijlpalen in deze ontwikkeling.
Met de actuele 2,4 GHz-techniek M-LINK zet MULTIPLEX wederom een  maatstaf in deze technologie, in het bijzonder om gegevens van het model naar de zender te sturen om tijdens de vlucht de modelpiloot van belangrijke of interessante informatie te voorzien.

www.multiplex-rc.de

N

N.A.C.A.
National Advisory Committee for Aeronautics. Een in Amerika opgericht onderzoeksinstituut dat zich o.a. heeft bezig gehouden met het onderzoek naar en beschrijving van de eigenschappen van vleugelprofielen, de z.g.n. NACA-profielen. Het instituut is omgedoopt tot NASA toen het zich ook met de ruimtevaart ging bezighouden.

Ncm (Newton centimeter)
Ncm (Newton centimeter) is de eenheid van het draaimoment van bijvoorbeeld een servo. Ncm is kracht x arm. Het is een vaste waarde voor een servo, maar omdat het een product is van twee eenheden kan er mee gevarieerd worden. In het kort komt het er op neer dat bij een bepaald draaimoment de uit te oefenen kracht kleiner wordt als de arm langer wordt en omgekeerd.

Voorbeeld:

Een servo heeft een draaimoment van 50 Ncm. Dan kan een kracht van 50 Newton ( = 5 kg ) worden uitgeoefend bij een armlengte van 1 cm. Indien deze armlengte naar 1,5 cm zou worden vergroot bedraagt de kracht nog 50/1,5 = 3,3 Newton ( = 3,3 kg ).

Het zal duidelijk zijn dat naarmate het draaimoment groter is de servo ook sterker is.

Neerwaartsstelling of domping
Om de stabilitiet te verbeteren bij de variabele trekkracht van de propeller wordt de motor ongeveer twee graden naar beneden gericht gemonteerd.

Negatiefstelling
Vleugelmontage met negatieve instelhoek. Bij vleugels met een grote strekking worden de vleugeltips vaak in negatieve zin verdraaid. Met de tipverdraaiing wordt de kans op een plotseling overtrekken van de vleugel verkleind, echter niet voorkomen.

NiCad
Nikkel-Cadmium accu's. Veel gebruikte accu's in de beginfase van de ontwikkeling van het elektrovliegen. Deze accu's mogen, in verband met het giftige cadmiun niet meer worden verkocht. Vervangers zijn NiMh- en LiPo-accus.

Nitromethaan
Toevoeging aan brandstof om de ontsteking en verbranding te verbeteren. Structurformule CH3NO2.

O

Ohm
Eenheid waarin de elektrische weerstand wordt itgedrukt. Zie ook "Wet van Ohm".

Ohm

Oversturing
Als de zender te dicht in de buurt van de ontvanger is, kan een te sterk signaal aangeboden worden waardoor de ontvanger wordt overstuurd, d.w.z. de elektrische componenten kunnen het signaal niet meer op een normale wijze verwerken. Het zichtbare resultaat is dat de servo's enigszins ongecontroleerd kunnen gaan "rammelen". Komt bij moderne apparatur nauwelijks meer voor.

Overtrekken
Als een oppervlak waarop een opwaartse druk wordt uitgeoefend de invalshoek groter maakt dan een bepaalde hoek (de kritische invalshoek - "critical angle of attack"), zal de opwaartse druk niet langer toenemen: de luchtweerstand zal groter worden dan de opwaartse krachten. Dit alles zal resulteren in een z.g.n. overtrokken toestand van het oppervlak, ook wel “stalling”  genoemd.

Overtreksnelheid
De snelheid waarbij de vliegtuigvleugel in overtrokken toestand geraakt omdat bij de heersende snelheid de invalshoek van de luchtstroming te groot wordt.

P

Parasoldekker
Vliegtuig waarbij de vleugel op een stellage boven de romp is bevestigd.

Parkflyer
Overwegend kleine, lichte en  wendbare electromodellen die derhalve geschikt zijn om in een kleine open (park, parkeerplaats) of gesloten ruimte (zaal) te vliegen.

PCM
PCM staat voor “Pulse-Code-Modulation”. Hierbij worden de zenderpulsen als een soort computercode verzonden met informatie over de door de servo in te nemen positie.

PCO
De “Power-Cutt- Off" , een schakeling in de regelaar die de stroom naar de electromotor uitschakelt als de accu spanning te laag wordt. De uitschakelspanning ligt meestal bij 5 V. De besturing kan dan doorgaan.

POC
"Power-On-Control", beveiliging tegen het ongewild aanlopen van de elektromotor als de accu wordt aangesloten.

Potentiometer
Regelbare weerstand, ook wel potmeter genoemd.

PPM
PPM staat voor “Pulse Position Modulation”.  Een zender coderingssysteem waarbij stand van de knuppel wordt omgezet in de tijdsduur tussen twee door de zender uitgezonden pulsen.

Profiel
Vorm van de dwarsdoorsnede van een vleugel. Bij vleugelprofielen is de doorsnede aan een of beide kanten doorgaans gewelfd. Soms alleen aan de bovenkant zoals bij het bekende "Clarck Y-profiel
". Bij een symetrisch profiel hebben de onder- en de bovenkant dezelfde welving. Bij een sterkere bovenwelving dan onderwelving spreekt man van "halfsymetrische profielen".

Prandtl
Ludwig Prandtl wort beschouwd als de vader van de moderne aerodynamica. Prandtl werd in 1875 geboren in Freising bij München. Hij studeerde daar vanaf 1894 aan de Technische Hochschule.  Prandtl werd in 1901 professor aan de Technische Hochschule in Hannover 1901 ( nu Technische Universität Hannover) waar hij zich ging bezighouden met het onderzoek naar stromingsverschijnselen rond vaste lichamen. Op 8 augustus 1904 presenteerde hij zijn baanbrekend werk “Über Flussigkeitsbewegung bei sehr kleiner Reibung” (On the motion of fluids with very little Friction”). Het artikel besloeg slechts acht pagina’s, maar gaf voor het eerst een beschrijving van het grenslaag principe en is heden ten dage nog steeds het beginsel voor het berekenen van de lift en de weerstand van vleugelprofielen. Pas in 1920 legde hij de mathematische basis voor de fundamentele onderbouwing van de subsone aerodynamica en begonnen ontwikkelaars zijn theorie te gebruiken voor het berekenen van de eigenschappen van vleugelprofielen en het toetsen hiervan aan windtunnel onderzoeken.

Ludwig Prandtl

Proportioneel
In verhouding tot. De uitslag van de roeren is proportioneel (in verhouding tot) de knuppel beweging. D.w.z. 50% knuppelbeweging is ook 50% beweging van de roeren.

PS
Polystyreen, een kunststof die vooral door zijn schuimvorming van belang is (styropor)

PTFE
Kunststof voor o.a. bouwdenkabels. Verspreidt bij verhitting giftige dampen!

PUR
Kunststof (polyurethaan) die vooral van belang is door zijn schuimvormende eigenschappen. Pur-schuim lijkt in vele opzichten veel op PS-schuim, maar is wat sterker en zwaarder maar wel beter bestand tegen lijm en oplosmiddelen. Polyurethaan lijm is zeer geschikt om geschuimde onderdelen van de moderne "schuimpjes" te lijmen.

PVA-lijm
Witte houtlijm op waterbasis.

Pijlstelling
De vleugels staan, van bovenaf gezien, in een pijlstelling naar achteren ( = negatieve pijlstellin). Dit is belangrijk voor de stabiliteit om de topas.

R

RB
Radio besturd, radiobesturing..

R/C
Radio Control.

Reciever
Ontvanger.

Reflexladen
Snelladen met korte en sterke stroomstoten gevolgd door korte en sterke ontlaad pulsen.

Regelaar
Electronische unit waarmee het vermogen naar de electromotor wordt geregeld. Er bestaan zowel regalaars voor borstelmotoren als voor buiten- en binnenlopers. De regelaars zijn meestal voorzien van een voeding voor de ontvanger en de servo's, de z.g.n. BEC-regeling.

Een deel van de electronische componenten op de printplaat van een 18 A regelaar voor een buitenloper met voeding voor ontvanger en servo's. De regelaars worden zeer compact (25x35x7 mm) en licht door toepassing SMD-techniek. (SMD= Surface Mounted Devices).

Relais
Elektrisch bedienbare schakelaar.

Reynolds (Het getal van Reynolds)
De verhouding tussen de wrijvingskrachten en de traagheidskrachten van een stroming om een lichaam. Het wordt bepaald door de vliegsnelheid, de vleugelkoorde en de kinematische viscositeit van de lucht.

Formule :  (theoretisch)Re = v. L / v ; (praktisch) Re = 70. v. L .

waarin:
Re =  getal van Reynolds
v  =  vliegsnelheid (m/sec)
L  =  lengte van de vlegelkoorde (m)
v  =  kinematische viscositeit van de lucht (m2/sec)

Robbe Modelsport
Robbe is een van de grote merken in de modelsport. Welke modelpiloot kent de Charter van Robbe niet of heeft deze eens in zijn bezit (gehad). Beginner of expert allen zijn  wel eens in het bezit van een Robbe model geweest of vliegen er nog mee. Robbe is een van die grote firma’s die ook vele activiteiten in deze tak van sport ondersteunt.
De Robbe-Futaba radiobesturingen met als recente ontwikkeling het FASST systeem en de S.BUS-techniek. Op het vlak van aandrijfsystemen biedt Robbe met het roxxy programma een scala aan mogelijkheden.
Met de Arrow-heliserie dekt Robbe het volledige scala van instap- tot kunstvlucht modellen af.
Helaas is Robbe als bedrijf inmiddels opgehouden te bestaan.Delen van het bedrijf zaijn door andere bedrijven overgenomen.

www.robbe.com

Richtingsroer
Het scharnierend deel van het kielvlak dat dient om de richting van het vliegtuig om de topas te veranderen.

Roll out
Het uitrollen of uitglijden van het model na de touch down.

Rolroer (Aileron)
Scharnierend deel van een vleugel waarmee de oipwaartse druk van een vleugel kan worden veranderd. Elke vleugelhelft is voorzien van een rolroer die voor het maken van rolfiguren in tegengestelde richting bewegen.

Rolroer met knuppel instelling met knuppel indeling volgens Mode 2.

Rotor
a. Het draaiende deel van een elektromotor
b. Het schoepenwiel van een impellermotor

Rubbermotor
Een motor waarvan de energie verkregen wordt door het roteren of euitrekken van elastische draden of banden.

Rijk mengsel
Een brandstof/lucht mengsel met relatief veel brandstof (en dus ook veel smeerolie).

S

Scanner
Afluisterontvanger die automatisch een bepaalde frequentieband afzoekt en "stil blijft staan" zodra een signaal wordt ontvangen.

Schnurle spoeling
Spoelsysteem voor tweetaktmotoren waarbij in de cilinderwand van de motor meer inlaatpoorten zijn toegepast, waardoor een betere "vulling" en verdeling van de brandstof in de cilinderontstaat waardoor een hoger vermogen kan worden geleverd.

Schouderdekker
Vliegtig waarbij de vleugel direct op de rompis geplaatst.

Schuimvleugel
Geheel uit schuim (PS- of PUR-) gevormde of gesneden vleugel die meestal nog worden beplankt.

Servo
Elektromechanisch apparaat waarmee roren en dergelijke in beweging kunnen worden gebracht.

Skeletlijn
De lijn die ontstaat door in het profiel cirkels te tekenen die zowel de onder- als bovenkant raken. De skeletlijn wordt gevormd door vervolgens alle middelpunten met elkaar te verbinden. Behalve bij volsymetrische profielen is deze lijn altijd gebogen.

Slankheid
De slankheid is de verhouding tussen de zijden van de vleugel. Deelt men de spanwijdte van de vleugel door de grootste breedte (koorde), dan verkrijgt men de slankheid.

Slipstream
De beweging van de propeller veroorzaakt een om het vliegtuig heen draaiende luchtstroom. Op hogere snelheden heett de piloot geen last van deze luchtstroming omdat de luchtstroom het vliegtuig niet maakt. bij lage snelheden zal deze echter het achterste gedeelte van het vliegtuig van links naar rechts duwen.Het bewegen van het richtingsroer naar rechts zal dit effect opheffen.

Sleepgas
Met sleepgas wordt die instelling van de gashevel bedoeld waarbij het vermogen van de moror nog juist voldoende is om geen hoogte te verliezen.

Smalband
Een ontvanger waarbij door een scherpe kanaalscheiding de frequentiebanden dicht bij elkaar kunnen liggen.

Smoorklep
Klep of schuif in de luchtoevoer van de carburateur voor het regelen van de luchttoevoeropening.

Solderen
xOnder een soldeerverbinding wordt een metallische verbinding verstaan, van twee metalen delen met behulp van een extra metaal, in dit geval soldeertin.

SP
Schwerpunkt = zwaartepunt.

Spanwijdte
De afstand tussen de uiteinden van de vleugel.

Speed controler
Zie regelaar.

Sproeier
Zie verstuiver.

Staart
Samenstel van stabilo en kielvlak (soms gecombineerd) voor stabilisatie van de langsas en de topas.

Stabiel
In de vliegtuigbouw "zelfherstellend". Als een richtingsverandering optreedt, zal een stabilisatievoorziening deze tegenwerken en opheffen.

Staufenbiel
De firma Staufenbiel werd gesticht in 1899 in Hamburg.  Eerst werden rijwielen en naaimachine verkocht , later ook speelgoed. In het begin van de zeventiger jaren kwamen er naast het speelgoed steeds meer modelbouw artikelen in de winkel.  Vanaf 1990 werd volledig overgeschakeld op modelbouw producten en ontwikkelde Staufenbiel zich als een internet winkel. Door de overname van DYMOND in 1999 en de uitbreiding van een eigen productie in Tsjechië  en het verre oosten heeft dit zich tot een eigen productiepallet ontwikkeld met een gunstige prijs/prestatie verhouding voor hun huismerk producten.

www.modelhobby.de

Splitter (zie Y-kabel)

Stabilo
Het horizontale gedeelte van de staart waaraan het hoogteroer is bevestigd. Stabiliseert om de dwarsas.

Straalbuis
Gestroomlijnd luchtkanaal achter het schoepenrad van een impeller motor of na de verbrandingskamer van een straalmotor.

Styropor
Polystyreenschuim.

Side-Force-Generators (SFG)
Meestal vlakke platen aan de vleugeltips die bedoeld zijn om de stabiliteit, in het bijzonder bij mesvluchten, te verbeteren.

Side thrust (zie zijwaartsstelling)

Slipstream
De beweging van de propeller veroorzaakt een om het vliegtuig heen draaiende luchtstroom. Op hogere snelheden heeft de piloot geen last van deze luchtstroming omdat de luchtstroom het vliegtuig niet raakt. Bij lage snelheden zal deze echter het achterste gedeelte van het vliegtuig van links naar rechts duwen. Het bewegen van het richtingsroer naar rechts zal dit effect opheffen.

T

Thermiek
Als de zon schijnt zal de aarde opwarmen. De lucht vlak boven de grond zal daardoor ook opwarmen en als de omringende lucht kouder is, bijvoorbeeld op plekken waar schaduw heerst, zal de warme lucht opstijgen. De oorzaak hiervoor is dat warme lucht lichter is dan koude lucht. In de praktijk kunnen hierdoor zeer grote warme luchtbellen van de aarde opstijgen. Zo groot zelfs dat mandragende zweefvliegtuigen er in rond kunnen cirkelen en tot enkele kilometers hoogte kunnen stijgen.

Tipverdraaing
Bij tipverdraaiing zit wordt de invalshoek van de vleugel naar de vleugeltip toe verkleind. Deze is zodanig dat de achterlijst naar de tip toe iets omhoog komt. Tijdens het vliegen raakt de tip de aanstromende lucht onder een steeds kleinere invalshoek. Omdat de tip een kleinere invalshoek heeft  zal het begin van de vleugel (de vleugelwortel) eerst overtrekken later de tip. Het gevolg is dat niet de gehele vleugel in één keer overtrokken raakt. Omdat de tippen nog wat lift leveren blijven de vleugels horizontaal en kan de overtreksituatie worden gecorrigeerd. Zou dit niet gebeuren dan is de kans vrij groot dat de lift plotseling wegvalt en het vliegtuig over één vleugel weg zal glijden waardoor het vliegtuig in een vrille (tolvlucht) terecht komt. Door de tipverdraaiing wordt de controleerbaarheid van het vliegtuig beter te beheersen, want zo'n (gedeeltelijke)overtrek is gemakkelijk te corrigeren. Neus laten zakken en gas geven is alles wat je moet doen.
Die hele tipverdraaiing komt vooral in beeld in een bocht. Immers, de binnentip heeft een kleinere snelheid t.o.v de lucht, en een veel hogere invalshoek, en zou dus vrij gemakkelijk kunnen overtrekken; als dat gebeurt heb je een vrille, één vleugel overtrokken terwijl de andere nog wil vliegen, erg onprettig vooral als je laag zit! Door de tipverdraaiing (en dus kleinere invalshoek) kan de vleugeltip langzamer vliegen zonder te overtrekken.
Tipverdraaing kan zowel aerodynamisch als constructief worden uitgevoerd. Bij de aerodynamische uitvoering wordt het vleigelperfiel aangepast en bij de constructieve uitvoering wordt over ongeveer een derde van de vleugel de achterlijst 1 à 2 graden omhoog gezet. Deze laatste methode wordt veelal toegepast bij eenvoudige profielen met een vlakke onderkant zoals het Clark-Y profiel.

Top-as
As die vertikaal door het zwaartepunt van het vliegtig loopt.

Transistor
Transistor is een afkorting van "transfer resistor" wat overdrachtsweerstand betekend. De transistor is een component waaruit 3 elektrische aansluitingen komen. Deze worden B (basis), C (collector), en E (emitter) genoemd.en transistor is een elektronisch onderdeel dat een elektrische trilling kan versterken. De transistor bestaat uit een kristal van een halfgeleider in een afgesloten omhulling

Links schema van een transistor, rechts enkele uitvoeringsvormen.

e versterken signaal toegevoerd, aan aansluiting is voor beide signalen gemeenschappelijk (basis).

Trimmen
Het fijnafstellen van de roeren. Dit kan op afstand geberen met de trimhevels op de zender. Mechanisch door verstelling van de kwiklinks bij de roerhevels of door het aanbrangen van special trimvlakjes (niet gebrikelijk).

T-staart
De T-staart is een speciale configuratie van de staart bij vliegtuigen. Bij vliegtuigen met een T-staart zitten de horizontale besturingsorganen bovenop de staart gemonteerd, en niet aan de basis van de staart zoals dat gebruikelijk is bij de meeste vliegtuigen. Het resultaat van deze configuratie is dat wanneer men het vliegtuig van voren bekijkt de staart op de letter T lijkt, vandaar de naam. Dit ontwerp heeft voordelen en nadelen:

Turbulentie
Luchtwerveling.

Touch down
Het moment in de landingsfase waarin het model de grond raakt.

Tweedekker
Vliegtuig met twee vleugels boven elkaar.

De Tiger Moth een klassiek model van een tweedekker.

U

UAV (Unmanned aerial vehicle)
"Unmanned aerial vihicle". Dit zijn onbemande vliegtuigen of helicopters die voor militaire doeleinden, maar steeds meer ook voor burgerdoeleinden worden gebruikt. (zie ook : MAV )

UCAV (Uninhabited combat air vihicle)
Bewapende onmbemande vliegtuigen.

V

Verstuiver
Een buis waarin door vernauwing de luchtstroom wordt versneld waardoor een onderdruk ontstaat die de brandstof uit de tank kan aanzuigen. Daarna komt het brandstof/lucht mengselin een ruimer gedeelte, de venturie om in druppeltjes uiteen te vallen. De werking berust dus op de `Wet van Bernoilli`.

Vleugeloppervlak
Onder het vleugeloppervlak wordt het geprojecteerde oppervlak van de vleugel(s) en horizontaal of schuin geplaatste stabilisatievlakken op een horizontaal projectievlak.

Vleugelbelasting
Het gewicht in gram per dm2 van het vleugeloppervlak.

Vleugelwortel
Overgang van de romp naar de vleugel.

Viscositeit
De 'stroperigheid' van een vloeistof of van een gas, dus ook lucht die aangeeft in welke mate deze weerstand biedt tegen vervorming door schuifspanningen en dus stroming. Zo is water een voorbeeld van een vloeistof met een lage viscositeit. Stroop is een voorbeeld van een vloeistof met een hoge viscositeit.

Volt
Eenheid (V) voor de elektrische spanning. De volt (symbool van de eenheid volt is V) is de SI-eenheid voor het elektrische potentiaal De eenheid is genoemd naar de Italiaanse natuurkundige Allessandro Volta. Deze vond in 1800 de eerstechemische batterij, de Zuil van Volta, uit. De volt is gedefinieerd als het potentiaalverschil over een geleider als een stroom van 1 Ampère daarin een vermogen van 1 Watt in warmte omzet.
De vermenigvuldigingsfactoren uit het SI-stelsel worden ook voor volt gebruikt: men spreekt over µV (microvolt, 10-6), mV (milli-, 10-3), kV (kilo-, 103), en MV (mega-, 106).
In de grootte-orde van de volt liggen vele in het dagelijks gebruik voorkomende spanningen, zoals batterijspanning (1,5 V, 3 V, 12 V), de netspanning (230 V), en de draaistroom (400 V).

Alessandro Volta

Graaf Alessandro Giuseppe Antonio Anastasio Volta werd op 18 februari 1745 in Como geboren en stierf op 5 maart 1827 in Camnago bij Como. Deze Italiaanse natuurkundige is bekend geworden door zijn ontdekking van de elektrischebatterij ofwel de voltaïsche cel,  ook wel de "Zuil van Volta" genoemd.

V-staart
V-vormige staart waarbij de beweegbare delen twee functies hebben, nl. richtings- en hoogteroer.

Zwever met eev V-staart constructie.

Vleugelprofiel
De vorm van de doorsnede van een vleugel, gezien in de normale vliegrichting. Het profiel is de vorm van de dwarsdoorsnede van de vleugel.

V-stelling
De hoek van de vleugelhelften ten opzichte van elkaar waarbij vleugeluiteinden hoger stan dan het midden. De dwarsstabiliteit wordt hiermee verbeterd.

W

Watt
Eenheid (W) waarin het elektrisch vermogen wordt uitgedrukt
(W = V x A)

Wet van Bernouilli (1700-1782)
Deze wet geeft het verband weer tussen druk en snelheid van een stromend medium en luidt:

"In een stromend medium is de som van de statische en dynamische druk constant"

De wet van deze Bernouilli verklaart waarom een douchegordijn de douche binnenwaait en verklaart de werking van de carburateur, de vliegtuigvleugel en de parfumverstuiver. Anders dan men op het eerste gezicht zou verwachten, neemt dus bij toenemende snelheid de druk af.

Als formule:    P + ½ ρ V2 = Constant

P = druk.
ρ  = soortelijke massa van de lucht. (kgm/m3
)
V = luchtsnelheid m/sec.

Wet van Ohm.

Georg Simon Ohm (1789-1854) heeft de volgende wetmatigheden geformuleerd:

"In een stroomdraad is de stroomsterkte evenredig met het potentiaalverschil gedeeld door de weerstand"

en

"De weerstand van een draad is evenredig met de lengte en de temperatuur en omgekeerd evenredig met de dikte"

Hieruit vloeide de volgende rekenkundige grondwet uit de elektrotechniek voort die uitdrukt dat een spanning (U) gelijk is aan het product van stroomsterkte (I) x weerstand (R).

Dus: U = I x R of I = U : R of R = U : I.

Winglets

Winglets zijn aan de vleugeltip aangebrachte kleine, hoofdzakelijk verticaal staande, vleugeltjes die tot doel hebben om de tipwervel te minimaliseren. De vleugelweerstand (tipwervel weerstand) wordt hierdoor verlaagd. Vele grote modelzwevers, met een spanwijdte van meer dan 2500 mm, worden ook voorzien van winglets.

Bij moderne verkeersvliegtuigen worden ter verbetering van de vliegprestaties de uiteinden van de vleugels voorzien van winglets. Ook bij eenvoudige zwevers, zoals de Easy Star van Multiplex, worden met hetzelfde doel de vleugels voorzien van aangevormde winglets. De stabiliteit van een instapmodel wordt hiermee sterk verbeterd.

Winglets sind an die Tragfläche angebrachte kleine Flügelformen womit die leistung des Modells gesteigerd wird. Indem sie Turbulenzen, die zwangslläufig an der Flügelspitze entstehen, vermindern, sorgen sie für erhöten Auftrieb. Sie werden der Zeit niecht nur bei grossen Verkehrsflugzeugen eingesetst, sondern sind in allen modernem manntragende Seglern schohn Selbstverständlich geworden. Auch ältere Segler werden mit Winglets modificiert die Leistung nd Kreisflgeigenschaften spürbar verbessern. Viele Segelflugmodelle, mit eine Spannweite von über 2500 mm werden mit Winglets ausgerüstet.

X

X-tal
In het engels gebruikelijke afkorting voor kristal.

Y

Y-kabel (splitter)
Een verbindingskabel, bijvoorbeeld tussen ontvanger en twee servo’s , waarbij de kabel in twee delen wordt opgesplitst. Een Y-kabel wordt o.a. gebruikt om vanuit de ontvanger de twee sevo's voor rolroeren aan te sturen.

Z

ZA-magneten
Magneten die door bijmenging van z.g.n. zeldzame aarde componenten tot stand komen. De magneten van hoogwaardige elektromotoren die in de modelbouw worden toegepast zoals Cobalt-Samarium- en Neodymmagneten worden met deze zeldzame aarde elementen samengesteld.

Zelfontlading
Gelijkmatige natuurlijke afbouw van de capaciteit van een accu. Dit treedt vooral op bij NiCd en NiMh accu’s en in aanmerkelijk geringere mate bij LiPo’s

Zwaartepunt
Het zwaartepunt (of massamiddelpunt) is het punt waar een lichaam ondersteund moet worden om noch door rechtlijnige noch door draaibe­wegingen aan de invloed van de zwaartekracht toe te geven. Het zwaar­tepunt speelt bij de modelvliegtuigbouw een zeer belangrijke rol. Wordt het model in het zwaartepunt ondersteund, dan moet het theore­tisch in evenwicht zijn. In de praktijk wordt het echter zo uitgewogen dat het van voren iets zwaarder is. Het "zwaartepunt" van zo'n model is dan dus eigenlijk niet meer het "echte" zwaartepunt.

Zuigermotor
Een motor waarin rotatieenergie wordt verkregen door verbranding of uitzetting van vloeistof of gas en daardoor een of meerdere heen en weer gaande of roterende zuigers aandrijft.

Zijwaartsstelling
Het in horizontale richting tegen de tegen de draairichting van de motor zijwaartsstellen van de propellernaaf. Hierdoor wordt de torsie van de propeller bij verschillende toerentallen gecompenseerd.

contact | © 2016